Niet voor één gat te vangen…

Vandaag is het dan eindelijk zover. Na maandenlange voorbereiding mogen we de tent op gaan zetten. Nu moet je weten dat mijn kampeerervaring zich beperkt tot een vouwwagen en een caravan en het kampeerverleden van manlief in het geheel niet bestaat.

Het behoeft dus geen betoog dat we hulp nodig hebben… Gelukkig dat goede vrienden van ons besluiten een weekendje Vlieland te doen. En laat nu de mannelijke helft echt kampeerbloed hebben. De Waard kampeerbloed nog wel. Wat een bof! Wanneer ze zich aankondigen reageer ik met het grootste enthousiasme dat je maar bedenken kunt en zo staan we dus op deze zaterdagmorgen met zes man sterk (ze hebben twee nog-net-geen puberzonen) op Stortemelk.

Het weer werkt goed mee en we volgen de aanwijzingen van onze deskundige vriend zo goed mogelijk op. Eerst het grondzeil. Oh nee, eerst het zeil onder het grondzeil. Op twee pallets is de hele bestelling van de kampeerwinkel torenhoog opgestapeld. Een beetje beteuterd staan we er naar te kijken. ‘Geef maar een schaar,’ zegt de vriendin. Voor we er erg in hebben is ze driftig aan het knippen om de zwarte afdekfolie los te krijgen. De ene doos na de andere wordt aan de kant gezet om uiteindelijk een pakketje te vinden dat wel eens het onderzeil zou kunnen zijn. Alleen….. het is zo dun…… nou ja, niet op letten, gewoon doorgaan….. We spreiden het plasticje over de grond. Tenminste, dat proberen we. De wind blaast het steeds omhoog en van meerdere kanten klinken kreten. ‘Gooi er wat op, zo gaat het niet, pak die dozen om de hoeken te fixeren.’ We liggen zo’n beetje over het zeil heen te dweilen en proberen het in toom te houden, terwijl de vriendin ons de pakketjes toewerpt. Het begint langzaam in te scheuren en we hebben handen en voeten tekort om het geheel op de plek te houden…. Met de moed der wanhoop proberen we te redden wat er te redden valt.

Ik zie de buren, die al een eindje op weg zijn met hun tent, meewarig kijken. De dame van het gezelschap kan het niet langer aanzien. ‘Wij hebben nog wel een dikker onderzeil over, willen jullie het misschien overnemen? Voor een tientje mag je het hebben.’ Wij knikken gretig en vervangen de dunne gescheurde velletjes door een degelijk dik zeil. Ons enthousiasme is redelijk getemperd. En dan moet het echte werk nog beginnen….

‘Nou jongens, kom op, nu het grondzeil van de tent zelf’, pept de vriend ons weer op. Het gaat voorspoedig en nadat het zeil is vastgezet kan de tent aangeritst worden. Dan de stokken erin. Grote ronde stokken die op meerdere plekken in de tent geritst moeten worden. Te laat komen we erachter dat dit in een bepaalde volgorde moet maar met wat kunst en vliegwerk zitten ze er uiteindelijk in. We kunnen de tent overeind trekken en de scheerlijnen vastzetten. Trots staan we het resultaat te bewonderen. Tijd voor een drankje. We ploffen zelfingenomen in het gras. Dat hebben we toch maar mooi gefixt.

De vriend loopt nog even de tent in om ook de binnenkant goed te inspecteren en te genieten van zijn werk. Halverwege stopt hij en loopt terug. Hij stampt een beetje op de grond…. ‘Hé,’ zegt hij ineens, ‘er zit hier een gat…. ‘Nog een keertje stampt hij, nu met zijn andere voet. ‘Ja, echt een best gat ook… de ondergrond is niet vlak….’ Nu komen we allemaal in beweging. Stuk voor stuk zetten we onze voeten in het gat en allemaal constateren we dat dit wel erg onhandig is. ‘Ja,’ zegt de vriend. ‘En je grondzeil gaat er ook aan zo… het moet over…. ”Waaaaat, wat zeg je nu, het moet over???’ Ik geloof mijn oren niet. ‘Je bedoelt dat de tent weer afgebroken moet worden??’ Nee, dat zal ie toch niet bedoelen….. Ja, dat bedoelt hij dus wel….

Ik kijk met een schuin oog naar manlief en zie hem wanhopig weglopen. Ik hoor hem denken: ‘Eén keer zo’n kreng opzetten is al een drama, dat ga ik echt niet nog eens doen.’ IJdele hoop, want de vriend is vastbesloten. Het gat moet gedicht en manlief wordt erop uitgestuurd om zand van het strand te halen. Ondertussen halen wij de tent neer. Nadat het probleem verholpen is kunnen we weer gaan opbouwen. We maken er maar een lolletje van door te zeggen dat we nu allemaal ervaren zijn. De vriendin gooit nog wat olie op het vuur door smalend te melden dat het toch niet binnen drie kwartier gelukt is. Deze termijn heeft de vriend namelijk vooraf, in een opwelling van overmoed, genoemd. De vriend werpt haar een getergde blik toe, die ze met een sarcastische glimlach beantwoordt. Op gebrek aan humor hebben we haar nog nooit kunnen betrappen.

Hoe dan ook, uiteindelijk staat de tent zo strak als een snaar en kan het welverdiende biertje opengetrokken worden. We kunnen de hele zomer genieten van het relaxte campingleven op Vlieland. Met dank aan onze vriend en vriendin. Ben benieuwd of manlief ook besmet raakt met het kampeervirus….

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s